Wat is 100 gulden uit 1956 nu waard?

ƒ 100,00 uit 1956 had in 2025 dezelfde koopkracht als

€ 460,69

Sinds 1956 is het prijspeil 10 keer zo hoog geworden: de prijzen stegen met 915,22%, gemiddeld 3,42% per jaar. Daarbij is omgerekend van gulden naar euro, tegen 2,20371 gulden per euro.

Berekend met de jaargemiddelden van de CBS-prijsindex; 2025 is het meest recente volledige jaar.

Andere bedragen uit 1956

Bedragen uit 1956 en hun koopkracht in 2025
In 1956In 2025
ƒ 1,00€ 4,61
ƒ 5,00€ 23,03
ƒ 10,00€ 46,07
ƒ 25,00€ 115,17
ƒ 50,00€ 230,34
ƒ 100,00€ 460,69
ƒ 250,00€ 1.151,72
ƒ 500,00€ 2.303,43
ƒ 1.000,00€ 4.606,87
ƒ 10.000,00€ 46.068,67

Omgekeerd had € 100,00 in 2025 dezelfde koopkracht als ƒ 21,71 in 1956.

Inflatie in 1956

In 1956 stegen de prijzen met 1,90% ten opzichte van 1955. Dat is lager dan het gemiddelde van 2,94% per jaar sinds 1900.

Na 1956 was de inflatie het hoogst in 1975 (10,19%) en het laagst in 1987 (-0,49%).

Prijspeil van 1956 tot en met 2025 (1956 = 100)05001.0001.50019561980200020251.0151956: prijspeil 100,0 (1956 = 100)1957: prijspeil 106,5 (1956 = 100)1958: prijspeil 108,3 (1956 = 100)1959: prijspeil 109,2 (1956 = 100)1960: prijspeil 112,0 (1956 = 100)1961: prijspeil 113,9 (1956 = 100)1962: prijspeil 116,1 (1956 = 100)1963: prijspeil 120,5 (1956 = 100)1964: prijspeil 127,1 (1956 = 100)1965: prijspeil 133,8 (1956 = 100)1966: prijspeil 141,5 (1956 = 100)1967: prijspeil 146,0 (1956 = 100)1968: prijspeil 151,3 (1956 = 100)1969: prijspeil 162,6 (1956 = 100)1970: prijspeil 169,8 (1956 = 100)1971: prijspeil 182,6 (1956 = 100)1972: prijspeil 196,9 (1956 = 100)1973: prijspeil 212,6 (1956 = 100)1974: prijspeil 233,1 (1956 = 100)1975: prijspeil 256,9 (1956 = 100)1976: prijspeil 279,5 (1956 = 100)1977: prijspeil 298,2 (1956 = 100)1978: prijspeil 310,3 (1956 = 100)1979: prijspeil 323,4 (1956 = 100)1980: prijspeil 344,6 (1956 = 100)1981: prijspeil 367,7 (1956 = 100)1982: prijspeil 389,6 (1956 = 100)1983: prijspeil 400,6 (1956 = 100)1984: prijspeil 413,8 (1956 = 100)1985: prijspeil 423,1 (1956 = 100)1986: prijspeil 423,8 (1956 = 100)1987: prijspeil 421,7 (1956 = 100)1988: prijspeil 424,7 (1956 = 100)1989: prijspeil 429,3 (1956 = 100)1990: prijspeil 439,9 (1956 = 100)1991: prijspeil 456,9 (1956 = 100)1992: prijspeil 473,9 (1956 = 100)1993: prijspeil 483,6 (1956 = 100)1994: prijspeil 496,9 (1956 = 100)1995: prijspeil 505,8 (1956 = 100)1996: prijspeil 516,5 (1956 = 100)1997: prijspeil 527,6 (1956 = 100)1998: prijspeil 537,7 (1956 = 100)1999: prijspeil 549,4 (1956 = 100)2000: prijspeil 563,1 (1956 = 100)2001: prijspeil 588,9 (1956 = 100)2002: prijspeil 608,7 (1956 = 100)2003: prijspeil 621,7 (1956 = 100)2004: prijspeil 629,1 (1956 = 100)2005: prijspeil 639,8 (1956 = 100)2006: prijspeil 647,2 (1956 = 100)2007: prijspeil 657,6 (1956 = 100)2008: prijspeil 674,0 (1956 = 100)2009: prijspeil 682,0 (1956 = 100)2010: prijspeil 690,7 (1956 = 100)2011: prijspeil 706,8 (1956 = 100)2012: prijspeil 724,2 (1956 = 100)2013: prijspeil 742,4 (1956 = 100)2014: prijspeil 749,6 (1956 = 100)2015: prijspeil 754,5 (1956 = 100)2016: prijspeil 756,9 (1956 = 100)2017: prijspeil 767,3 (1956 = 100)2018: prijspeil 780,4 (1956 = 100)2019: prijspeil 800,9 (1956 = 100)2020: prijspeil 811,1 (1956 = 100)2021: prijspeil 832,9 (1956 = 100)2022: prijspeil 916,2 (1956 = 100)2023: prijspeil 951,3 (1956 = 100)2024: prijspeil 983,2 (1956 = 100)2025: prijspeil 1.015,2 (1956 = 100)
Het prijspeil sinds 1956, met 1956 als 100. In 2025 was het 1.015,22: sinds 1956 is het prijspeil 10 keer zo hoog geworden.
Toon als tabel
Prijspeil van 1956 tot en met 2025 (1956 = 100)
JaarPrijspeil (1956 = 100)Verandering
1956100,0–
1957106,56,49%
1958108,31,73%
1959109,20,85%
1960112,02,55%
1961113,91,67%
1962116,11,92%
1963120,53,82%
1964127,15,50%
1965133,85,23%
1966141,55,78%
1967146,03,13%
1968151,33,69%
1969162,67,45%
1970169,84,42%
1971182,67,55%
1972196,97,82%
1973212,67,99%
1974233,19,64%
1975256,910,19%
1976279,58,81%
1977298,26,69%
1978310,34,05%
1979323,44,23%
1980344,66,53%
1981367,76,72%
1982389,65,96%
1983400,62,83%
1984413,83,27%
1985423,12,25%
1986423,80,17%
1987421,7-0,49%
1988424,70,71%
1989429,31,10%
1990439,92,47%
1991456,93,86%
1992473,93,71%
1993483,62,06%
1994496,92,76%
1995505,81,78%
1996516,52,11%
1997527,62,16%
1998537,71,92%
1999549,42,17%
2000563,12,49%
2001588,94,59%
2002608,73,36%
2003621,72,14%
2004629,11,18%
2005639,81,71%
2006647,21,15%
2007657,61,61%
2008674,02,49%
2009682,01,19%
2010690,71,27%
2011706,82,34%
2012724,22,46%
2013742,42,51%
2014749,60,98%
2015754,50,65%
2016756,90,32%
2017767,31,38%
2018780,41,71%
2019800,92,63%
2020811,11,27%
2021832,92,68%
2022916,210,00%
2023951,33,84%
2024983,23,35%
20251.015,23,26%

Zelf berekenen

Vul een ander bedrag of jaar in. Maandcijfers zijn er vanaf 1963.

Vóór 2002 in guldens, daarna in euro's.

Tussen 1900 en 2026.

Dezelfde maand in beide jaren (vanaf 1963), of het gemiddelde van het hele jaar.

Resultaat

ƒ 100,00 uit 1956 heeft in 2025 een koopkracht van

€ 460,69

Tussen 1956 en 2025 stegen de prijzen met 915,22%, gemiddeld 3,42% per jaar.

Bron: CBS, maandcijfers tot en met september 2026 en jaarcijfers tot en met 2025 (bijgewerkt op ).